20: Geld besparen

Mobirise

Eva wil minder geld uitgeven.
Ze maakt een budget.
Ze schrijft op wat ze verdient.
Ze schrijft ook op wat ze betaalt:
• Huur
• Boodschappen
• Telefoon
Ze kijkt waar ze kan besparen.
Ze koopt minder dure dingen.
Ze eet minder vaak buiten de deur.
Elke maand kijkt ze naar haar geld.
Ze houdt meer geld over.
Dat geeft een goed gevoel. 

Moeilijke woorden

• Besparen → Minder geld uitgeven.
• Budget → Een plan voor je geld.
• Verdient → Geld krijgen voor werk.
• Houden → Niet uitgeven, bewaren. 

This website was started with Mobirise site theme